Top 3
  1. Schrage (EKK) / Thiselton (NIGTC)
  2. Rosner & Ciampa (Pillar)
  3. Anderson (CNT3)
Toelichting

Op 1 Korinthiërs bestaan op dit moment twee zeer grondige commentaren en deze zijn beide aan te bevelen: Schrage in EKK (1991/95/99/01) en Thiselton in NIGTC (2000). Schrage toont zich in het zorgvuldig, woord voor woord volgen van de Griekse tekst een uitstekend exegeet. Ook het onderdeel Wirkungsgeschichte per perikoop is waardevol. Bovendien is Schrage (hoofdzakelijk in de voetnoten) goed in gesprek met o.a. waardevol ouder werk op 1 Korinthiërs, zoals dat van Weiss (KEK, 1910),  Schlatter, etc. Thiselton blinkt meer uit in het verwerken van de sociologische en retorische inzichten in de exegese en in het verwerken van de secundaire literatuur tot dan toe. Ook taalkundig is het echter een goed commentaar. Al met al van beiden een geniale prestatie en een genot om te lezen.

Het vraagt best wat tijd en denkkracht om deze beide commentaren goed en volledig te kunnen benutten. Wie daarom op een eenvoudiger niveau aan de slag wil, kan het beste terecht bij Fee (NICNT, 1987, 20142), R.F. Collins (SP, 1999), Schnabel (HTA, 2006) Fitzmyer (AB, 2008) of Rosner & Ciampa (Pillar 2010). Schnabel heeft de meest recente inzichten uit het 1-Korinthiërsonderzoek (op zowel Engels als Duits taalgebied) uitstekend verwerkt in een goed toegankelijk commentaar met goede theologische en pastorale lijnen. Ook de inleiding is goed. Fee is een uitstekend exegeet, heeft diepgang en zijn commentaar is een overtuigend werk (in 2014 is een update uitgekomen, maar deze bestaat slechts hoofdzakelijk uit het up-to-date maken van de literatuurlijst). Het overtreft het qua perspectief (evangelical) vergelijkbare commentaar van Garland (BECNT, 2003). Garland is minder zelfstandig en zijn exegetische keuzes zijn niet altijd overtuigend. Wel is zijn werk meer up-to-date dan dat van Fee en is het goed in gesprek met andere commentaren. Het heeft een bondige, goede inleiding. De katholieke exegeet Fitzmyer heeft recent een deel in de AB-serie geschreven: wederom een exegetisch en theologisch uitstekend werk. Een goede inleiding; zie in het bijzonder zijn werkvertaling (p. 3-18) en het onderdeel ‘Pauline teaching’ (p. 69-93). Hij schrijft compact, helder en toegankelijk. Het werk van Rosner & Ciampa is verrassend goed. Van de vier genoemde Engelstalige ‘mid-level commentaries’ is deze de beste. Goede inleiding; sterke exegese, met oog voor de Joodse achtergrond van Paulus’ schrijven. Collins heeft vooral oog voor de culturele context, en legt daar het zwaartepunt van zijn uitleg. Theologisch is het echter minder sterk.

Op Duits taalgebied is naast Schrage en Schnabel zeker ook Merklein (ÖTK, 1992/01/05) te noemen. Vergelijkbaar met het werk van Schrage. Vooral zijn grondige literaire analyses zijn erg goed. Het laatste deel is na zijn dood verschenen en staat mede op naam van zijn leerling Gielen. Recent is in de serie KEK een deel op 1 Korinthiërs verschenen, geschreven door Zeller (2010). Bondiger geschreven dan bijvoorbeeld Schrage of Merklein en daardoor toegankelijker. Vooral een Religionsgeschichtliche benadering; ook filologisch sterk.

In de serie CNT3 heeft Anderson (2008) een goed, toegankelijk commentaar geschreven. Een bovengemiddeld goed deel uit deze serie. Van de overige, kleiner opgezette series zijn o.a. Wolff (ThHNT, 2000) en Keener (NCBC, 2005) zeker de moeite waard. Wolff is theologisch goed, en Keener is goed op de hoogte van de Umwelt. Voor wie Thiselton op NIGTC te veel van het goede vindt, is te wijzen op zijn latere 1 Corinthians. A Shorter Exegetical & Pastoral Commentary (2006); een praktisch en pastoraal commentaartje (300 i.p.v. 1.400 blz.). Wat betreft een toegankelijk, handzaam, pastoraal commentaar is Kremer (RNT, 1997) goed. Ook de ethicus Hays (Int., 1997) heeft een goed commentaar geschreven. Hij slaat in de exegese consequent een brug naar vandaag, en is daarom voor de prediking een aanrader.

Witherington (mono, 1995) levert belangrijk literair en Umwelt-materiaal aan in zijn ‘Socio-Rhetorical Commentary’.